Translation of "nah" into Dutch
nabij, dichtbij, bij are the top translations of "nah" into Dutch.
nah
adjective
adverb
grammar
(sehr) nah [..]
-
nabij
adjectiveEen kleine tussenliggende afstand hebbende met betrekking tot iets. [..]
Diese Probleme werden in naher Zukunft gelöst werden.
Deze problemen zullen in de nabije toekomst worden opgelost.
-
dichtbij
adjectiveEen kleine tussenliggende afstand hebbende met betrekking tot iets.
Sie ist ganz nahe, und ich muss sie ansehen.
Ze komt dichtbij en ik kan niet wegkijken.
-
bij
adpositionEs ist gefährlich, nahe am Feuer zu spielen.
Het is gevaarlijk dicht bij het vuur te spelen.
-
Less frequent translations
- dierbaar
- naverwant
- nabije
- sluiten
- hiernaast
- na
- nakend
- daarnaast
- aanstaand
- eerstvolgend
- vlakbij
- kortbij
- dicht bij
- om de hoek
- op een boogscheut
- op een steenworp afstand
- op loopafstand
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "nah" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "nah"
Phrases similar to "nah" with translations into Dutch
-
het Nabije Oosten
-
aan · aangrenzend · aanstaand · bij · daarnaast · dicht · dicht bij · dichtbij · eerstvolgend · eng · ernaast · hiernaast · in de nabijheid · in de nabijheid van · komend · kortbij · na · naast · nabij · nabije · nabijgelegen · nabijheid · naburig · naderbij · nakend · nauw · om de hoek · onder · op · op een boogscheut · op een steenworp afstand · op loopafstand · sluiten · te · vlakbij
-
de nabije omgeving
-
dichterbij · naaier · naaister
-
dichtbij · nabij · naderbij
-
in de nabije toekomst
Add example
Add