Translation of "Mate" into Dutch
paren, maat, makker are the top translations of "Mate" into Dutch.
mate
verb
noun
grammar
(especially of a breeding animal) A sexual partner. [..]
-
paren
verb nounarrange in matched pairs [..]
It's time for you to mate and then fight to the death.
Het is tijd dat jullie paren en daarna tot de dood vechten.
-
maat
noun masculinenautical: ship's officer on commercial vessel [..]
You're being way too hard on yourself here, mate.
Je bent veel te hard voor jezelf, maat.
-
makker
noun masculinefriend [..]
Take your mates and get off this property before I arrest the lot of you.
Pak je makkers mee en scheer je weg, voordat ik de hele bende hier arresteer.
-
Less frequent translations
- gabber
- vriend
- geestverwant
- partner
- kameraad
- koppelen
- amice
- medestander
- stuurman
- man
- echtgenoot
- gast
- scheepsmaat
- gezel
- gemaal
- genoot
- maatje
- paringsgezel
- vrind
- gemeenschap hebben
- wijfje
- vrouw
- schaakmat
- gezellin
- trouwen
- verenigen
- helper
- mannetje
- zich verenigen
- Maté
- maté
- officier
- echtelieden
- copuleren
- coïteren
- maat(je)
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "Mate" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "Mate" with translations into Dutch
-
boezemvriend · geestverwant · zielsverwant
-
mate-themes
-
narrenmat
-
copulatie · geslachtsdaad · geslachtsgemeenschap · huwelijk · paren · paring
-
bronst · bronstijd · bronsttijd · paartijd
-
leeftijdgenoot
-
teamgenoot
Add example
Add