Translation of "absentation" into Dutch

aanwezigheidsverzuim is the translation of "absentation" into Dutch.

absentation noun grammar

The act of absenting one's self. - Sir W. Hamilton [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • aanwezigheidsverzuim

    neuter

    act of absenting oneself

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "absentation" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "absentation" with translations into Dutch

  • absent · afwezig · afwezig zijn · behalve · dada · distract · dromerig · elders met zijn gedachten · gepreoccupeerd · in afwezigheid van · niet aanwezig · niet meer voorhanden · niet opdagen · ontbrekend · tekort · uitgezonderd · uitstedig · verdwenen · vermist · verstrooid · vertrekken · verwijderen · weg · wegblijven van · zich absenteren · zich verwijderen · zijn · zonder
  • aan de gang brengen · afgaan · afrijden · afvuren · losbranden · op weg gaan · opstappen · starten · tijgen · uitlopen · uitvaren · vertrekken · weggaan · wegrijden · zich verwijderen
  • absent · achteloos · afgetrokken · afwezig · distract · elders met zijn gedachten · er niet bij · gepreoccupeerd · nalatig · nonchalant · onachtzaam · onoplettend · vergeetachtig · verstrooid · wezenloos
  • onoplettendheid · verstrooidheid
  • afwezigheid · verzuim
  • afgetrokken · afwezig · verstrooid · wezenloos
  • absent zijn · afwezig zijn · mankeren · ontbreken
  • verstrooide professor
Add

Translations of "absentation" into Dutch in sentences, translation memory