Translation of "appear" into Dutch

verschijnen, lijken, schijnen are the top translations of "appear" into Dutch.

appear verb grammar

(intransitive) To come or be in sight; to be in view; to become visible. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • verschijnen

    verb

    To come or be in sight; to be in view; to become visible [..]

    My name appeared in all my country's newspapers.

    Mijn naam verscheen in alle kranten van ons land.

  • lijken

    verb

    To seem; to have a certain semblance; to look [..]

    It appears that he will win first prize.

    Het lijkt dat hij de eerste prijs zal winnen.

  • schijnen

    verb

    Een bepaalde uiterlijke verschijning hebbende.

    Don't be deceived by appearances.

    Laat je niet door schijn bedriegen.

  • Less frequent translations

    • blijken
    • voorkomen
    • opdagen
    • optreden
    • toeschijnen
    • opdraven
    • te voorschijn komen
    • overkomen
    • haar opwachting maken
    • het uiterlijk hebben van
    • zijn opwachting maken
    • uitzien
    • uitkomen
    • opstaan
    • er uitzien
    • gaan staan
    • tevoorschijn
    • ogen
    • zich voordoen
    • dunken
    • tevoorschijn komen
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "appear" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

Appear
+ Add

"Appear" in English - Dutch dictionary

Currently, we have no translations for Appear in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.

Phrases similar to "appear" with translations into Dutch

  • Als Afwezig weergeven
  • aanblik · aanzicht · aanzien · acte de présence · air · gedaante · gelaat · gelaatsuitdrukking · gezicht · houding · manieren · optreden · publicatie · schijn · snelheid · tempo · uiterlijk · uitzicht · vaart · verschijnen · verschijning · verschijningsvorm · verschijnsel · visioen · voorkomen · vorm
  • blijken · er uitzien · lijken · opdagen · opdraven · optreden · overkomen · schijnen · te voorschijn komen · tevoorschijn komen · toeschijnen · uitkomen · verschijnen · voorkomen · zich voordoen
  • voor de schijn
  • absence · absentie
  • gebleken · opgedoemd · uitzag · verschenen
  • de schijn ophouden
  • schijn bedriegt
Add

Translations of "appear" into Dutch in sentences, translation memory