Translation of "married" into Dutch
getrouwd, gehuwd, echtelijk are the top translations of "married" into Dutch.
married
adjective
noun
verb
grammar
In a state of marriage; having a wife or a husband. [..]
-
getrouwd
adjectiveIn a state of marriage; having a wife or a husband [..]
They sleep in separate bedrooms even though they're married.
Ze slapen in aparte kamers, hoewel ze getrouwd zijn.
-
gehuwd
adjectiveI am married and I have two sons.
Ik ben gehuwd en heb twee zonen.
-
echtelijk
It's a book about married love.
Het gaat over echtelijke liefde.
-
Less frequent translations
- trouwen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "married" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Translations with alternative spelling
Married
+
Add translation
Add
"Married" in English - Dutch dictionary
Currently, we have no translations for Married in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.
Phrases similar to "married" with translations into Dutch
-
Peggy Sue Got Married
-
echtparen
-
Just Married
-
trouw met mij
-
marrie
-
huwen · in de echt verbinden · in het huwelijk treden · trouwen · uithuwelijken
-
de man worden van · de vrouw worden van · huwen · in de echt verbinden · in het huwelijk treden · paren · tot vrouw nemen · trouwen · trouwen met · uithuwelijken · zich in de echt verbinden
-
getrouwde naam
Add example
Add