Translation of "quitted" into Dutch

hield op, hielden op, opgehouden are the top translations of "quitted" into Dutch.

quitted verb

Simple past tense and past participle of quit. [..]

+ Add

English-Dutch dictionary

  • hield op

    verb

    We call it quits we I say we call it quits.

    Wij houden op als ik zeg we houden op.

  • hielden op

    verb

    We call it quits we I say we call it quits.

    Wij houden op als ik zeg we houden op.

  • opgehouden

    particle

    She said that I should quit smoking.

    Ze zei dat ik moest ophouden met roken.

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "quitted" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Translations with alternative spelling

Quitted
+ Add

"Quitted" in English - Dutch dictionary

Currently, we have no translations for Quitted in the dictionary, maybe you can add one? Make sure to check automatic translation, translation memory or indirect translations.

Phrases similar to "quitted" with translations into Dutch

  • Quit Your Dayjob
  • aanbotsen · aanbrengen · aandoen · aandraaien · aangeven · aanreiken · aansteken · afdalen · aflaten · afleveren · afmaken · afreizen · afsluiten · afstaan · afstand doen van · aftreden · bedanken · behalen · belenden · bereiken · besluiten · bestellen · bestijgen · besturen · beëindigen · brengen · doneren · doorbrengen · geduwd worden · geleiden · geven · grenzen aan · heengaan · in de steek laten · inhalen · inschakelen · klikken · klimmen · laten varen · leiden · leiden tot · leveren · naar beneden gaan · naar boven gaan · ontslag nemen · opbrengen · opgeven · ophouden · ophouden met · opstappen · overlaten · reiken tot · resulteren · rijzen · schakelen · schenken · smeren · stijgen · stoppen · stoppen met · toebrengen · toegeven · toekennen · toevoeren · uitdraaien op · uitgaan · uitkomen · uitlopen · uitlopen op · uitmaken · uitscheiden · uitstappen · uitstijgen · uittreden · uitvallen · uitwijken · verdrijven · vereffenen · vergeven · verklikken · verlenen · vertrekken · voeren · voldoen · voleindigen · volgen · voortkomen · voortspruiten · voortvloeien · vrij · weggaan · weggeven · wegreizen · wegschenken · wegtrekken · wijken · zich stoten · zinken
Add

Translations of "quitted" into Dutch in sentences, translation memory