Translation of "brusca" into Dutch

abrupt, bruusk, bot are the top translations of "brusca" into Dutch.

brusca adjective feminine grammar

Breve o conciso, especialmente hasta el punto de ser grosero.

+ Add

Spanish-Dutch dictionary

  • abrupt

    Kort of beknopt, voornamelijk op de rand van ruw zijn.

    Sin embargo, las consecuencias del brusco descenso de las exportaciones se siguen percibiendo en el mercado de trabajo.

    De gevolgen van de abrupte daling van de uitvoer bleven echter nog steeds voelbaar op de arbeidsmarkt.

  • bruusk

    adjective

    Kort of beknopt, voornamelijk op de rand van ruw zijn.

    Espero que de ninguna forma se le ponga un brusco final.

    Ik hoop dat er op geen enkele wijze bruusk een einde aan wordt gemaakt.

  • bot

    adjective noun

    Kort of beknopt, voornamelijk op de rand van ruw zijn.

    Él tiene una forma de ser muy brusca.

    Hij heeft de eigenschap erg bot te zijn.

  • Less frequent translations

    • kortaf
    • nors
    • bits
  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "brusca" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "brusca" with translations into Dutch

  • abrupt · bars · bits · bot · bruusk · eensklaps · gewelddadig · honds · hortend · ineens · irritant · irriterend · kortaangebonden · kortaf · nors · nurks · onaardig · onsamenhangend · onstuimig · onverhoeds · onverwacht · onverwachts · onvoorzien · onvriendelijk · op staande voet · opeens · plots · plotseling · plotselinge · plotsklaps · ruw · schielijk · steil · stuurs · zuur
Add

Translations of "brusca" into Dutch in sentences, translation memory