Translation of "conocida" into Dutch

bekende, kennis, maat are the top translations of "conocida" into Dutch.

conocida noun adjective verb feminine grammar

Persona a la que se ha hablado en varias ocasiones, que comparte un conocimiento común y con la que se tiene empatía. [..]

+ Add

Spanish-Dutch dictionary

  • bekende

    noun masculine

    Een persoon die iemand herhaaldelijk ontmoet heeft en van wie iemand voorbijgaande kennis of begrip heeft.

    La cadena comercial Halfords, conocida por sus partes para bicicletas y autos, se ha declarado en quiebra ayer.

    Winkelketen Halfords, bekend van onderdelen voor fietsen en auto's, is gisteren failliet verklaard.

  • kennis

    noun masculine

    Een persoon die iemand herhaaldelijk ontmoet heeft en van wie iemand voorbijgaande kennis of begrip heeft.

    Ayer conocí a uno de los actores más populares del mundo.

    Gisteren heb ik kennis gemaakt met een van de beroemdste acteurs van de wereld.

  • maat

    noun masculine

    Een persoon die iemand herhaaldelijk ontmoet heeft en van wie iemand voorbijgaande kennis of begrip heeft.

    Lo único que te queda son tus compañeros a muchos de los cuales acabas de conocer.

    Dan heb je alleen nog je maten, van wie je er velen nog maar pas kent.

  • vriend

    noun masculine

    Een persoon die iemand herhaaldelijk ontmoet heeft en van wie iemand voorbijgaande kennis of begrip heeft.

    En la cárcel y en la cama, se conoce a los amigos.

    In nood leert men zijn vrienden kennen.

  • Show algorithmically generated translations

Automatic translations of "conocida" into Dutch

  • Glosbe

    Glosbe Translate
  • Google

    Google Translate

Phrases similar to "conocida" with translations into Dutch

  • iemand heel goed kennen
  • was vroeger bekend als
  • alom bekend · befaamd · bekend · bekende · bekendheid · beroemd · besef · betrekking · bewustzijn · bezinning · gerenommeerd · gevierd · glorierijk · glorieus · illuster · kennen · kennis · kennismaking · kenvermogen · kunde · maat · medeweten · omgang · opzicht · relaas · relatie · roemrijk · roemruchtig · roemvol · verband · verhaal · verhouding · verkeer · vermaard · verstand · verstandhouding · vertelling · vertelsel · vertrouwd · vriend · welbekend · weten · wetenschap · wijdvermaard
  • alias · oftewel
  • alias · oftewel
  • afkondigen · bekend maken
  • kennen als z'n broekzak · kennen als z’n broekzak
  • Bekende Ruimte
Add

Translations of "conocida" into Dutch in sentences, translation memory