Translation of "denigrar" into Dutch
kleineren, denigreren, afgeven op are the top translations of "denigrar" into Dutch.
Atacar falsamente o con intención maliciosa el buen nombre y la reputación de alguien. [..]
-
kleineren
verbValselijke aanval met kwaadaardige bedoeling, op iemands goede naam en reputatie. [..]
Esas declaraciones a menudo denigran y condenan, y con frecuencia provocan que los hijos se pongan a la defensiva.
Dergelijke uitspraken zijn vaak kleinerend en veroordelend en zorgen dat kinderen een verdedigende houding aannemen.
-
denigreren
Valselijke aanval met kwaadaardige bedoeling, op iemands goede naam en reputatie. [..]
Zorra es un término ofensivo usado para denigrar a mujeres de éxito.
" Bal-zuiger " is een offensieve zin die wordt gebruikt om succesvolle vrouwen te denigreren.
-
afgeven op
-
Less frequent translations
- onteren
- belasteren
- bagatelliseren
- smaden
- zwartmaken
- lasteren
- bekladden
- kwaadspreken
- roddelen
- vals beschuldigen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "denigrar" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate