Translation of "abridgement" into Dutch
afkorting, verkorting, inkorting are the top translations of "abridgement" into Dutch.
abridgement
noun
grammar
An act of abridging. [..]
-
afkorting
noun feminineDe afgekorte vorm van iets.
-
verkorting
noun feminineact of abridging [..]
One example of such an abridgment is found in Ezra’s own genealogy.
Een voorbeeld van zo’n verkorting vindt men in Ezra’s eigen geslachtsregister (Ezr 7:1-5).
-
inkorting
De afgekorte vorm van iets.
-
Less frequent translations
- bekorting
- samenvatting
- excerpt
- resumé
- uittreksel
- overzicht
- inkrimping
- beperking
- uitreksel
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "abridgement" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "abridgement" with translations into Dutch
-
afkorting · bekorting · beperking · compendium · excerpt · ingekorte versie · inkorting · korte inhoud · samenvatting · uitreksel · uittreksel · verkorting
-
korten
-
afbreken · afdraaien · afgeven op · afkammen · afkorten · aflaten · begrenzen · beknotten · bekorten · beperken · beperkingen opleggen aan · beroven · besnoeien · een streep trekken · excerperen · herleiden · in discrediet brengen · inkorten · inkrimpen · kleineren · kleinmaken · korten · laten zakken · neerhalen · neerlaten · reduceren · resumeren · ruïneren · samenvatten · strijken · te gronde richten · ten val brengen · trekken · vellen · verderven · vereenvoudigen · verkorten · verlagen · verminderen · vernederen · verootmoedigen · zetten
-
excerpt · overzicht · resumé · samenvatting · uittreksel
-
inkorter · samenvatter
-
beknopt · verkort
-
afbreken · afdraaien · afgeven op · afkammen · afkorten · aflaten · begrenzen · beknotten · bekorten · beperken · beperkingen opleggen aan · beroven · besnoeien · een streep trekken · excerperen · herleiden · in discrediet brengen · inkorten · inkrimpen · kleineren · kleinmaken · korten · laten zakken · neerhalen · neerlaten · reduceren · resumeren · ruïneren · samenvatten · strijken · te gronde richten · ten val brengen · trekken · vellen · verderven · vereenvoudigen · verkorten · verlagen · verminderen · vernederen · verootmoedigen · zetten
Add example
Add