Translation of "conocer" into Dutch
kennen, bekend, kennismaken are the top translations of "conocer" into Dutch.
conocer
verb
grammar
Estar seguro o tener certeza de algo.
-
kennen
verbNo importa lo que sepas, sino a quién conozcas.
Wat telt is niet wat ge weet, maar wie ge kent.
-
bekend
adjectiveLa cadena comercial Halfords, conocida por sus partes para bicicletas y autos, se ha declarado en quiebra ayer.
Winkelketen Halfords, bekend van onderdelen voor fietsen en auto's, is gisteren failliet verklaard.
-
kennismaken
verbQuisiera que conocieras a un amigo mío.
Ik zou je willen laten kennismaken met een vriend van mij.
-
Less frequent translations
- ontmoeten
- weten
- leren kennen
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "conocer" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Phrases similar to "conocer" with translations into Dutch
-
iemand heel goed kennen
-
was vroeger bekend als
-
bekende · kennis · maat · vriend
-
alom bekend · befaamd · bekend · bekende · bekendheid · beroemd · besef · betrekking · bewustzijn · bezinning · gerenommeerd · gevierd · glorierijk · glorieus · illuster · kennen · kennis · kennismaking · kenvermogen · kunde · maat · medeweten · omgang · opzicht · relaas · relatie · roemrijk · roemruchtig · roemvol · verband · verhaal · verhouding · verkeer · vermaard · verstand · verstandhouding · vertelling · vertelsel · vertrouwd · vriend · welbekend · weten · wetenschap · wijdvermaard
-
alias · oftewel
-
alias · oftewel
-
afkondigen · bekend maken
-
kennen als z'n broekzak · kennen als z’n broekzak
Add example
Add