Translation of "announce" into Dutch
aankondigen, adverteren, verkondigen are the top translations of "announce" into Dutch.
announce
verb
grammar
(transitive) To give public notice, or first notice of; to make known; to publish; to proclaim. [..]
-
aankondigen
verbto give public notice, or first notice of [..]
'La La Land' was mistakenly announced as the winner.
'La La Land' werd per ongeluk aangekondigd als de winnaar.
-
adverteren
verb- Will they announce in the press and to customers?
- Zullen zij in de pers adverteren en klanten aanschrijven?
-
verkondigen
verbto give public notice, or first notice of
A new star shone in the heavens to announce the good news.
Er scheen een nieuwe ster aan de hemel om het goede nieuws te verkondigen.
-
Less frequent translations
- aandienen
- declareren
- afkondigen
- annonceren
- verklaren
- melden
- uitspreken
- verkonden
- publiceren
- bekendmaken
- openbaar maken
- ruchtbaar maken
- mededelen
- aanmelden
- aangeven
- invoeren
- inzetten
- steken
- inleiden
- signaleren
- indoen
- inschuiven
- binnenleiden
- instoppen
- insteken
- inleggen
- meedelen
- introduceren
- afroepen
- bekend maken
-
Show algorithmically generated translations
Automatic translations of "announce" into Dutch
-
Glosbe Translate
-
Google Translate
Images with "announce"
Phrases similar to "announce" with translations into Dutch
-
huwelijksaankondiging
-
omroepers
-
to be announced
-
aandienen · aankondigen · adverteren · bekendmaken · melden · verkondigen
-
continuity announcer
-
boodschap van algemeen nut
-
aankondiger · meedeler · omroeper · omroepster · presentator
-
aangekondigd · aangemeld · bekendgemaakt
Add example
Add